Skip to content

Overlijden: Dutch verb conjugation

overlijden overleed overleden

to die

/ˌoː.vərˈlɛi̯.də(n)/

Conjugation of overlijden

PersonPresentPastPerfect
ikoverlijdoverleedben overleden
jij, uoverlijdtoverleedbent overleden
hij, zij, hetoverlijdtoverleedis overleden
wij, jullie, zijoverlijdenoverledenzijn overleden
  • Past participle: overleden, with zijn.

Meaning in English

  1. to die

Remember overlijden with Spreek

Spreek keeps the Dutch words you meet, article included, reviews them with you and then has you use them in a spoken conversation.

See what Spreek does

FreeiPhoneDownload on the App Store (opens in a new tab)