Voorschrijven: Dutch verb conjugation
voorschrijven schreef voor voorgeschreven
to prescribe
/ˈvoːrˌsxrɛi̯.və(n)/
Conjugation of voorschrijven
| Person | Present | Past | Perfect |
|---|---|---|---|
| ik | schrijf voor | schreef voor | heb voorgeschreven |
| jij, u | schrijft voor | schreef voor | hebt voorgeschreven |
| hij, zij, het | schrijft voor | schreef voor | heeft voorgeschreven |
| wij, jullie, zij | schrijven voor | schreven voor | hebben voorgeschreven |
- Past participle: voorgeschreven, with hebben.
- Voorschrijven is separable: in a main clause the prefix moves to the end, as in “ik schrijf voor”. See where the prefix goes in other sentences.
Meaning in English
- to prescribe
Remember voorschrijven with Spreek
Spreek keeps the Dutch words you meet, article included, reviews them with you and then has you use them in a spoken conversation.
FreeiPhone