Skip to content

Aanmoedigen: Dutch verb conjugation

aanmoedigen moedigde aan aangemoedigd

to encourage

/ˈaːnˌmudəɣə(n)/

Conjugation of aanmoedigen

PersonPresentPastPerfect
ikmoedig aanmoedigde aanheb aangemoedigd
jij, umoedigt aanmoedigde aanhebt aangemoedigd
hij, zij, hetmoedigt aanmoedigde aanheeft aangemoedigd
wij, jullie, zijmoedigen aanmoedigden aanhebben aangemoedigd

Meaning in English

  1. to encourage

Remember aanmoedigen with Spreek

Spreek keeps the Dutch words you meet, article included, reviews them with you and then has you use them in a spoken conversation.

See what Spreek does

FreeiPhoneDownload on the App Store (opens in a new tab)