Beantwoorden: Dutch verb forms
beantwoorden beantwoordde beantwoord
to answer, reply to
/bəˈɑntʋoːrdə(n)/
Conjugation
| Person | Present | Past | Perfect |
|---|---|---|---|
| ik | beantwoord | beantwoordde | heb beantwoord |
| jij, u | beantwoordt | beantwoordde | hebt beantwoord |
| hij, zij, het | beantwoordt | beantwoordde | heeft beantwoord |
| wij, jullie, zij | beantwoorden | beantwoordden | hebben beantwoord |
- Past participle: beantwoord, with hebben.
Meaning in English
- to answer, reply to
Remember beantwoorden with Spreek
Spreek keeps the Dutch words you meet, article included, reviews them with you and then has you use them in a spoken conversation.
FreeiPhone