Skip to content

Opmerken: Dutch verb conjugation

opmerken merkte op opgemerkt

to remark, notice

Conjugation of opmerken

PersonPresentPastPerfect
ikmerk opmerkte opheb opgemerkt
jij, umerkt opmerkte ophebt opgemerkt
hij, zij, hetmerkt opmerkte opheeft opgemerkt
wij, jullie, zijmerken opmerkten ophebben opgemerkt

Meaning in English

  1. to remark, notice

Remember opmerken with Spreek

Spreek keeps the Dutch words you meet, article included, reviews them with you and then has you use them in a spoken conversation.

See what Spreek does

FreeiPhoneDownload on the App Store (opens in a new tab)