Skip to content

Volhouden: Dutch verb conjugation

volhouden hield vol volgehouden

to continue, persevere

Conjugation of volhouden

PersonPresentPastPerfect
ikhou volhield volheb volgehouden
jij, uhoudt volhield volhebt volgehouden
hij, zij, hethoudt volhield volheeft volgehouden
wij, jullie, zijhouden volhielden volhebben volgehouden

Meaning in English

  1. to continue, persevere

Remember volhouden with Spreek

Spreek keeps the Dutch words you meet, article included, reviews them with you and then has you use them in a spoken conversation.

See what Spreek does

FreeiPhoneDownload on the App Store (opens in a new tab)