Skip to content

Ontvangen: Dutch verb forms

ontvangen ontving ontvangen

to receive

/ɔntˈfɑŋə(n)/

Conjugation

PersonPresentPastPerfect
ikontvangontvingheb ontvangen
jij, uontvangtontvinghebt ontvangen
hij, zij, hetontvangtontvingheeft ontvangen
wij, jullie, zijontvangenontvingenhebben ontvangen
  • Past participle: ontvangen, with hebben.

Meaning in English

  1. to receive

Remember ontvangen with Spreek

Spreek keeps the Dutch words you meet, article included, reviews them with you and then has you use them in a spoken conversation.

See what Spreek does

FreeiPhoneDownload on the App Store (opens in a new tab)