Skip to content

Sturen: Dutch verb forms

sturen stuurde gestuurd

to steer, guide

/ˈstyrə(n)/

Conjugation

PersonPresentPastPerfect
ikstuurstuurdeheb gestuurd
jij, ustuurtstuurdehebt gestuurd
hij, zij, hetstuurtstuurdeheeft gestuurd
wij, jullie, zijsturenstuurdenhebben gestuurd
  • Past participle: gestuurd, with hebben.

Meaning in English

  1. to steer, guide
  2. to send

Remember sturen with Spreek

Spreek keeps the Dutch words you meet, article included, reviews them with you and then has you use them in a spoken conversation.

See what Spreek does

FreeiPhoneDownload on the App Store (opens in a new tab)